Het ontstaan

Het begin

In 1980 kocht Frits Rijksbaron een huis in Amsterdam. Van de verkoper kreeg hij er alle eigendomsbewijzen sinds 1886, het bouwjaar, bij. Plus een akte van rechtsherstel. Het huis bleek in de oorlog door de vader van de verkoper verkocht en werd enkele jaren daarna, als enige overlevende van het gezin – vader, moeder, twee broers – aan hem teruggegeven.

In het huis zijn nog sporen van de toenmalige bewoners terug te vinden, in de vorm van de initialen van de voornamen van de beide broers op planken en laden in hun kamer.

Het lot van dit gezin bleef Rijksbaron bezighouden. En niet alleen van hen. Uiteindelijk bleek hem dat zijn huis een van de 21.661 huizen in Amsterdam was die tot het begin van de oorlog door Joden werden bewoond. Van hen overleefden bijna 62.000 de Holocaust niet.

Rijksbaron verbaasde zich erover dat aan de buitenkant van deze huizen niets herinnerde aan de verdreven bewoners. Met deze verbazing stapte hij naar het Amsterdamse 4 en 5 mei Comité. Vervolgens nam Het Parool in een posterbijlage alle adressen op van Joodse Huizen in Amsterdam, afkomstig van het Digitaal Joods Monument, onderdeel van het Joods Cultureel Kwartier.

Op 4 mei 2011 hingen de Parool-posters voor veel ramen van Joodse Huizen. In diezelfde periode steeg het bezoek aan het Digitaal Monument explosief. Door deze actie ontdekten veel mensen hun adres of dat van vrienden, familie en collega’s in de krant of op de website. Daardoor kwam de Shoah opeens angstwekkend dichtbij. Als je altijd dacht: ‘Wat heb ík daar mee te maken!’, dan denk je nu: ‘Wàt heb ik daar mee te maken?’

Onrust, verbazing, nieuwsgierigheid en veel vragen namen bezit van bewoners van Joodse Huizen zodra dit gegeven tot hen doordrong.

Huis Willemsparkweg
Akte
Poster

Het vervolg

In de Plantagebuurt in Amsterdam nam bewoonster Denise Citroen het initiatief om samen met de bewoners de geschiedenis van hun huis uit te zoeken.

Aan deze verhalen bleek een grote behoefte. Door op zoek te gaan naar de familiegeschiedenis, door er achter te komen wie er in je huis hebben gewoond – en met wat geluk in contact te komen met vroegere bewoners of hun nazaten – raakt de bewoner actief betrokken. Abstracte geschiedenis van lang geleden en ver weg wordt een concreet verhaal, dat tot op de dag van vandaag levend wordt gehouden wanneer mensen zich ermee bezighouden. Het toeval blijkt keer op keer een handje te helpen, internet, met name het Digitaal Monument, speelt hierbij een belangrijke rol.

Uit de posteractie en de huizenverhalen ontstond in 2012 Open Joodse Huizen.

Het concept is simpel: vertel verhalen over het leven van vroegere Joodse bewoners vóór en tijdens de oorlog, op de plek waar deze verhalen zich afspeelden.

Een vaak geuite wens van bezoekers van Open Joodse Huizen: ‘Leg deze verhalen vast, bewaar ze voor later, opdat ze niet opnieuw verloren gaan!’

Tot dat doel wordt de Stichting Joodse Huizen opgericht. De ambitie is het verzamelen en zichtbaar maken van verhalen over de vooroorlogse bewoners van de ruim 36.000 Joodse huizen in Nederland.

Meer dan dertig verhalen worden in korte tijd bijeengebracht. Een enkele oproep leidt tot bijdragen van gevestigde en onbekende auteurs die allen gemeen hebben dat zij zich bezighouden met speuren, onderzoeken, op het spoor komen, navragen en uiteindelijk vastleggen in de vorm van familiegeschiedenissen en huizenverhalen.

Het resultaat is het boek Joodse Huizen. Het eerste van, zo is de bedoeling, vele Joodse Huizenboeken, met als uiteindelijk resultaat een papieren monument, op een plek die nauw verbonden is met de Joodse geschiedenis in Nederland.

Auteurs Joodse huizen
Auteurs Joodse huizen